0

Naast het hele proces hierboven ben ik ook druk bezig geweest met het maken van de bijbehorende producten.

Om het spel in mijn project te betrekken heb ik een interactieve illustratie gemaakt door middel van een magneetplaat. Het kind kan de magneten verschuiven en is daardoor zelf met het verhaal en de behandeling bij de tandarts bezig. Op de magnetische plaat zie je een illustratie met Beertje Oso erop die in de tandartsstoel ligt met zijn mond open. Op de magneten staan tanden en gereedschappen die de tandarts gebruikt tijdens de behandeling. Zo kan het kind het op zijn gemakten op een spelenderwijze onderzoeken.

Het kinderboek en de magnetische plaat zijn vooral te gebruiken in de eigen omgeving van het kind en in de wachtkamer van de tandartsenpraktijk. Ik ben ook gaan kijken wat ik kan doen voor de tandarts en het kind tijdens de behandeling. Een van de redenen voor de angst van het kind is het niet hebben van controle tijdens de behandeling. De spanning bij het kind is al hoog en ze weten niet zo goed wat er gaat gebeuren. Om de tandarts hierbij te kunnen ondersteunen, heb ik hulpkaarten voor tijdens de behandeling ontworpen. Op deze hulpkaarten staan de behandelingen stap voor stap geïllustreerd, zodat het kind kan volgen waar hij of zij zich in de behandeling bevindt. Op deze manier krijgt het kind wat meer het gevoel dat het controle heeft. Daarnaast worden de gereedschappen en handelingen van de tandarts uitgelegd en afgebeeld. Hieronder staan voorbeelden van de door mij ontworpen controle hulpkaarten. Ik heb deze kaarten stap voor stap doorgenomen met de tandartsen van Bizkitz. De kaarten zullen in a5 en a6 worden gedrukt. De a5 kaarten zijn voor de tandarts in de praktijk en de a6 kaarten mag het kind mee naar huis nemen, om het thuis nog goed te kunnen bekijken. Het formaat heb ik samen met de tandartsen onderzocht.

Voor ik met de opleiding begon was ik al bezig met het maken van kinderboeken, daarom is het voor mij geen vreemde keuze om voor dit afstudeerproject een kinderboek te maken. Om mijn doel met dit project te bereiken is het belangrijk dat de kinderen het verhaal herhalen. Door herhaling verwerken ze de angst voor de tandarts. Daarom is het verhaal van het kinderboek hetzelfde als van de animatie. Een kinderboek kan worden voorgelezen of het kind kan er zelf doorheen bladeren op zijn of haar eigen tempo. Op deze manier kunnen ze de punten in het verhaal die voor hen belangrijk zijn nog eens goed bekijken en genieten van het verhaal. Hierbij komt de band tussen de ouder en het kind weer terug. Het is belangrijk dat de ouder laat zien dat het kind niet bang hoeft te zijn voor de tandarts en met dit boek kan de ouder dit versterken.

Er zijn veel verschillende type kinderboeken. Groot, klein, harde kaft, zachte kaft, simpel vormgegeven of bijvoorbeeld met veel details en kleur. Ik ben gaan rondkijken in verschillende boekenwinkels om te kijken naar al deze types en wat voor mij het meest geschikte is. Mijn doelgroep is de kleuter, dus er wordt vooral nog veel voorgelezen door de ouders en het kind zal met name veel naar de illustraties kijken. Ik heb gekeken naar voorbeelden zoals het prentenboek ‘De Gruffalo’, ‘Kleine IJsbeer’, ‘Woezel en Pip’, ‘Jip en Janneke’ en ‘Gonnie’. ‘Gonnie’ was voor mij een goed voorbeeld om te kijken wat niet gaat passen in dit project. De boekjes van Gonnie Gans zijn vierkant en van karton, simpel vormgegeven en met een heel kort verhaaltje. Dit is dus bedoeld voor de echte kleintjes. ‘De Gruffalo’ en het boek ‘Kleine IJsbeer’ liggen meer in de buurt van wat ik voor ogen heb voor dit project. Deze boeken hebben kleurrijke, gedetailleerde illustraties waar een kind veel in kan zien en vinden. De verhalen in deze boeken zijn wat groter en de karakters ondergaan meer ontwikkeling. Dit ligt dichter bij mijn verhaal en daarvoor heb ik gekozen voor een liggend a4 prentenboek met harde kaft.

Daarnaast heb ik onderzoek gedaan naar prentenboeken die angst bespreken. Ik heb gekeken hoe andere schrijvers en illustratoren het thema angst behandelen, zoals bijvoorbeeld in “Kikker is bang”. Het valt mij op dat de meeste kinderboeken met het thema angst te veel de nadruk legt op het feit dat de angst nu eenmaal zo is en zus en zo moet je er aan doen om niet angstig te zijn. Ik merk dat dit niet helemaal de goede methode is voor kinderen. In mijn kinderboek vertel ik het verhaal op dezelfde manier als in de animatie. De enge situatie wordt op een luchtige en grappige manier verteld, waarbij ondertussen het kind onopvallend getoond wordt dat het niet bang hoeft te zijn voor de tandarts. Hiermee laat ik zien dat het niet erg is dat het kind bang is voor de tandarts, want angst is normaal, maar in dit geval niet nodig omdat de tandarts je juist wil helpen en je gebit wil verzorgen.